KVV Dilsen-stokkem

Liesklachten


Een liesblessure is meestal een chronische overbelastingsblessure. Deze blessure kan veroorzaakt worden door een irritatie van de aanhechting en/of spiervezels van één van de spieren die het beennaar binnen bewegen (de “adductoren”). Deze spieren hechten aan de binnenzijde van het bekken.De pijn kan uitstralen naar de binnenkant van het bovenbeen en de buikspieren. In het beginstadium van deze blessure is er slechts sprake van een stijf en/of licht zeurend pijngevoel na een zware of langdurige inspanning.


Als er geen maatregelen getroffen worden zullen de pijnklachten ook optreden aan het begin van de training. Deze pijnklachten verdwijnen in eerste instantie nog na een warming-up, maar komen weer terug na afloop van de training. Als er toch wordt doorgesport, nemen de pijnklachten nog meer toe en zal sporten niet meer (goed) mogelijk zijn. Genezing van de blessure zal maanden gaan duren.


Oorzaken van deze liesklachten


  • Het niet of niet goed uitvoeren van een warming-up met rekkingsoefeningen. Hierbij zijn met name de rekkingsoefeningen voor de spiergroep aan het binnenzijde van het bovenbeen van belang. Het te snel opvoeren van de trainingsintensiteit en de duur van de training.


  • “Verstappen” of uitglijden. Sporters zijn extra gevoelig voor deze blessure als een van devolgende (sportrelevante) afwijkingen aanwezig is: 
    • verkorte en/of zwakke spieren aan de binnenzijde van het bovenbeen

    • Zwakke (schuine) buikspieren

    • Een beenlengteverschil


Hoe voorkom ik deze klachten?


Naarmate de spieren van een sporter korter en/of stijver zijn, is de kans op een liesblessure groter. Het is daarom van belang dat de volgende richtlijnen goed op te volgen:


  • Zorg voor een goede opwarming door rustig 5 à 10 minuten rustig in te lopen en losmakende bewegingen te maken. Draag bij koud weer een trainingsbroek.


  • Voer de volgende rekkingsoefeningen uit om de spieren op lengte te brengen:


  • Trek zittend, met de handen om de enkels de hielen zo ver mogelijk naar de billen. Druk zacht met de ellebogen op de knieën zonder te veren en zonder dat het pijn doet. Houd de rug recht en buig de romp iets naar voor. Houde rekkingsoefening in uiterste stand 20 seconden vast en herhaal de oefening 2 à 3 maal. Je voelt bij deze rekkingsoefening de spanning aan de binnenkant van de dij


  • Vanuit een spreidstand met rechte rug verplaats je gewicht zo ver mogelijk naar het gebogen been zonder dat het pijn doet. In de uiterste stand zo’n 20 secondenvasthouden en 2 à 3 maal herhalen. De voet van het gestrekte been wijst recht naar voren. De spanning voel je aan de binnenkant van de dij van het gestrekte been.


  • Voer spierversterkende oefeningen uit voor de (schuine) buikspieren en voor de spieren aan de binnenzijde van het bovenbeen


  • Indien er sprake is van een beenlengteverschil van meer dan 1 cm kan het nuttig zijn dit gedeeltelijk te compenseren


  • Voer altijd een cooling-down uit. Deze bestaat uit zo’n 5 minuten loslopen en het uitvoeren van rekkingsoefeningen. Met name de bovenstaande rekkingsoefeningen zijn van belang



Wat kan ik doen als deze blessure (toch) is ontstaan?


  • Voer alle bovenstaande “preventietips” uit. Geef gehoor aan de “alarmsignalen van hetlichaam. Zorg ervoor dat beginnende klachten niet verergeren door tijdig de trainingsbelasting te verminderen of rust te nemen. Het is immers een overbelasting blessure.


  • Als de blessure in een beginstadium verkeert, koel dan de pijnlijke plek direct na de trainingzo’n 15-20 minuten met ijs (zie RICE principes). Dit kan het best door met smeltendeijsblokjes over de pijnlijke plaats heen te wrijven. Herhaal dit koelen zo’n 3-5 keer per dag. Ook als de blessure al langer bestaat, blijft het nuttig de pijnlijke plek meerdere keren per dag te koelen.


  • Wanneer deze maatregelen niet het gewenste effect hebben moet men de klachten door een arts of kinesist laten onderzoeken.